Home Page Image


Ontsmetting op basis van chloor

De waterbehandelingsinstallatie is het hart van het zwembad. Hier wordt het water gefilterd, de zwembadchemicaliën gedoseerd en hun concentratie gecontroleerd. Belangrijk zijn de fijnregeling van de doseersystemen en hun goede automatische werking en stopzetting. Dat geldt ook voor een vlotte doorstroming door alle elementen van het systeem en een voldoende beluchting bij het zuiveren van het water. Ook is er een constante monitoring van de waterparameters nodig omdat het actief chloor continu verdwijnt onder invloed van licht waarbij temperatuur, zuurgraad en waterbeweging een rol spelen.

De zuurgraad moet permanent zeer nauwkeurig geregeld worden. Overdosering van zuren in een hypochlorietoplossing veroorzaakt de vorming van (giftig) gasvormig chloor. Te weinig zuur (te hoge pH) zorgt er dan weer voor dat het hypochloriet niet actief genoeg is. Dan krijg je oogirritatie (de pH van oogvocht ligt bij de meeste mensen tussen 7,0 en 7,5). Oogirritatie door chloor zelf, speelt bij een degelijk werkende installatie nauwelijks een rol.

De gebruikte chemicaliën zijn:

  • zoutzuur (waterstofchloride-oplossing in water). Zoutzuur verlaagt de zuurgraad (pH) van het zwembadwater, het water wordt met andere woorden zuurder. Zwembaden worden met leidingwater gevuld en dit heeft een zuurgraad van 7,5 tot 8. In combinatie met het toegevoegde hypochloriet wordt de pH te hoog (meer dan 8), waardoor het aanwezige chloor minder actief wordt en dus minder desinfecteert. Voor zwembaden ligt de ideale pH tussen 7,2 en 7,6;
  • zwavelzuur. Regelt net als zoutzuur de zuurgraad (pH) van het water;
  • een natriumhypochlorietoplossing. In de handel wordt het chloorbleekloog genoemd (in verdunde vorm spreekt men van javel). Het is een heldere, geelgroene vloeistof met een typische geur waarin natriumhypochloriet het eigenlijke ontsmettingsmiddel is;